NB52 Rituelen, amuletten en andere sentimentele dingen

    Verlofdagen in Europa: klik hier


    Buienradar Europa: klik hier

    Aardbevingen Italië: klik hier

    Toestand bergpassen: klik hier

    Wind, Sneeuw, ...: klik hier

    Advies onweer: klik hier


     

    NB52 Rituelen, amuletten en andere sentimentele dingen

    Door Theo Coolen

     Weinig dingen zijn meer persoonlijk dan de voorbereidingen die je treft voor je pelgrimstocht. De ene pelgrim-in-spé bestudeert vooraf minutieus allerlei wandelkaarten, de ander wikt en weegt eindeloos bij de keuze van een slaapzak. Sommigen verdiepen zich in de historie van de tocht of plannen uitvoerig welke ‘must-see’ plaatsen of gebouwen niet gemist mogen worden. Aan dit proces voltrekt zich tegelijkertijd een mentale voorbereiding. Misschien wel het belangrijkste aspect van voorbereiden

    Persoonlijk lag bij mij het accent bij dat laatste: Hoe zal het me vergaan als ik eenmaal de eerste stap over de drempel van mijn voordeur zet? Op weg naar Assisi. En in de schwung van mijn overmoed: “Dan doe ik er Rome ook maar gelijk bij”. Ik was niet echt bezorgd over de vraag of het allemaal wel goed zou gaan. Ik had geen blaren-angst, geen zorgen over hoeveel kilometers per dag. Ik was ervan overtuigd dat slecht weer niet bestond, althans nooit langdurig en mijn benen deden het uitstekend. Mijn focus lag meer bij wat ik ging achterlaten: mijn gezin, mijn vaste dingetjes van alledag (is er onderweg wel voldoende pindakaas?), onzekerheden die je kunt loslaten en vervangen door vertrouwen. Een heel mooi proces!

    Tokens, amuletjes en brieven

    Een geweldige hulp daarbij vormden voor mij dingetjes die je mee kunt nemen. Aandenken-dingetjes, kleine tokens, amuletjes. En heel erg kostbaar en behulpzaam in dat tijdelijk onthechten was de volgende gebeurtenis:

    Mijn vrouw deed een vierjarige opleiding naast haar baan. In die studie was ze gevorderd tot het einde van het derde jaar. In januari van mijn pelgrimsjaar meldde ze: “8 maart moet je vrijhouden, want dan heb ik een feestelijke afsluiting van het derde studiejaar, met de uitreiking van een getuigschrift”. Argeloos schrijf ik het in mijn agenda. Ik bedenk op geen enkele manier dat het misschien raar is om een getuigschrift te krijgen op driekwart van een opleiding. Op de bewuste middag meld ik me, samen met mijn zoon en dochter bij het opleidingsgebouw. Mijn vrouw is er eerder die ochtend al naar toe gegaan (“ik ga er vast naar toe want ik moet samen met de andere cursisten wat voorbereiden”). In de hal zie ik niemand. Pas als ik met mijn bos bloemen bij de garderobe de hoek om de zaal inwandel, zie ik daar al mijn vrienden staan, die mij juichend verwelkomen…

    Surprise…!

    Het complot is volledig geslaagd. Niks getuigschrift. Mijn vrouw had stiekem iedereen opgetrommeld voor een uitzwaai-borrel!

    Dierbare momenten

    Ze had ook aan iedereen gevraagd om iets aan mij te schrijven en in een envelop te doen. Voor onderweg. Voor de zware momenten. Voor als alles tegenzit. Om die brieven dan te lezen en me gesteund te voelen. Het hoefde niet zozeer iets met peptalk te zijn, als het maar vanuit ieders hart kwam. Er lag een stevige pak brieven voor me klaar die ik bij mijn vertrek in mijn rugzak heb gewurmd.

    Op de mindere momenten van mijn tocht heb ik er als ik ‘s avonds in mijn tentje lag, steeds één lukraak uit de stapel gevist en gelezen. Dat waren dierbare momenten. Maar mindere momenten waren er vrij weinig dus toen stond ik mezelf toe om ook op de mooie momenten een greep te doen en te lezen. Er zaten ook tekeningen bij van kinderen. Daarmee kon ik mijn tentje van binnen gezellig versieren.

    Op een keer kwam ik in Duitsland in een dorpje. Ik mocht mijn tent opzetten bij mensen achter op een groot gazon. Ik werd  – heel gastvrij –  door hen uitgenodigd bij de avondmaaltijd. Daar vertelde ik over deze brieven en hoe belangrijk ze voor me waren. Na het eten bedankte ik deze lieve mensen en nam afscheid van hen voordat ik in mijn tentje kroop. Immers, ik zou de volgende ochtend al vertrokken zijn voordat zij wakker waren. Toen ik die morgen mijn tent openritste lag daar een brief van hen “für einen schwierigen Tag”.

     

     

    De strohoed

    Van mijn vrouw kreeg ik een mooie strohoed. Tegen de felle zon. Die heb ik alle dagen opgehad, heel bewust gedragen en daardoor me ook een beetje gedragen gevoeld. Een hoed nodigt uit om er iets op vast te maken: De mooiste veertjes uit de verencollectie van mijn zoon. Mijn dochter kocht wat amulet-achtige dingetjes voor me. Samen met de tinnen medaille van onze vereniging prijkten die ook op dat hoedje. Ik ben de hoed onderweg na een rustpauze een paar keer vergeten. Op een bewolkte dag bracht de waard van een café me de hoed achterna nog voordat ik hem had gemist. Opluchting bij beiden! Uren ben ik teruggelopen naar de plek waar ik hem tijdens een rustpauze in het gras had laten liggen. Zonder hoed haal ik Rome niet dacht ik op zo’n moment. (Gelukkig: Hij lag er nog!).

    Kleine gestes

    En dan natuurlijk de “gouden” medaille die je krijgt in Rome: Zittend op de trappen van de galerij op het St. Pietersplein heb ik die ook op mijn hoed gespeld. Ik had hem even daarvoor gekregen. Daar vlakbij in het centrum voor Pelgrims.  De man die daar achter de balie stond had weinig gevoel voor decorum. Hij keek mijn pelgrimspaspoort even in, vond het al snel goed, grabbelde in een doosje en kletste de medaille op de balie. Gek, hoe gevoelig je op zo’n moment bent voor kleine gestes of in dit geval: voor het ontbreken daarvan. Toen hij het bijbehorende getuigschrift begon in te vullen, spelde hij mijn naam verkeerd. Geeft niet, dacht-ie, ik klieder de correctie er wel doorheen. Toen greep ik in en zei dat ik een netter exemplaar wilde. Ook goed, moet hij gedacht hebben, pakte een nieuw en zei: hier vul het zelf maar in dan….

    Ik liep mijn tocht in 2020. Pelgrims waren er toen niet veel. Ik heb er, behalve in die paar ostello’s in Italië die wél aan de corona-regels konden voldoen en dus open mochten, maar drie ontmoet onderweg. Toch heb ik me geen moment echt eenzaam gevoeld. Misschien kwam dat door die briefjes, dat kleine steentje, dat veertje dat je dan even kon vasthouden. Natuurlijk, ik weet: pelgrimeren betekent op de eerste plaats weggaan, op pad gaan. Dingen achterlaten, loslaten. Maar voor mij is het toch ook wel belangrijk verbinding te houden, met alles en iedereen die je achterlaat. Anders wordt het weglopen van jezelf. En waar loop je dan eigenlijk naar toe?