Santa Croce in Gerusalemme

Volgens de overlevering vond Helena, de moeder van keizer Constantijn, in het Heilige Land het ware kruis. Ze nam een stuk daarvan mee naar haar paleis, dat later werd omgebouwd tot een kerk.

Bij een verbouwing in de twaalfde eeuw kreeg deze kerk een campanile, een klokkentoren en een vloer met cosmatenwerk.

Eind achttiende eeuw werd een rococo voorgevel en een ovale vestibule toegevoegd.

De trap rechts in het middenschip leidt naar de Cappella di Sant’Elena met zijn fraaie renaissance mozaïek. Het beeld van St. Helena in de kapel stelde aanvankelijk de Romeinse godin Juno voor.

De trap links in het middenschip voert naar de Cappella della Croce, waar stukjes hout van het Ware Kruis bewaard worden, samen met een groter stuk hout van het kruis van de goede moordenaar en de vinger die Thomas in de zij van Christus stak.

Deze kerk ligt nog geen kilometer van de volgende, San Giovanni in Laterano, ze zijn verbonden door een park. Ertussen ligt het monument voor Sint Franciscus, het eindpunt van de Franciscaanse voetreis.